Omgevingswet: vergunning en melding

Met de invoering van de Omgevingswet is er een onderscheid gemaakt tussen vergunningen en meldingen.

Met de invoering van de Omgevingswet is er een onderscheid gemaakt tussen vergunningen en meldingen. Ook bij vergunningen is er een onderscheid gemaakt tussen een technische en ruimtelijke vergunningplicht (de 'knip'). Er zijn meer veranderingen bij de invoering van de Omgevingswet die te maken hebben met de omgevingsvergunning. Hieronder vindt u meer informatie over de veranderingen.

De 'knip' bij een omgevingsvergunning

Een belangrijke verandering is de ‘knip’ die de Omgevingswet aanbrengt. De 'knip' houdt in dat er mogelijk 2 type vergunningen nodig zijn om te kunnen bouwen. Die 2 type vergunningen zijn de technische bouwactiviteit en de ruimtelijke omgevingplanactiviteit. Er is geen verplichte samenhang tussen deze vergunningen. Dat betekent dat de aanvrager ervoor kan kiezen om het los van elkaar óf tegelijkertijd aan kan vragen.

Vergunningplicht of meldingplicht bij de bouwactiviteit

In de Omgevingswet staat dat het verboden is om zonder omgevingsvergunning een bouwactiviteit te verrichten, voor zover dat in het Besluit bouwwerken leefomgeving (Bbl) aangegeven staat. Als er een vergunningplicht voor de bouwactiviteit geldt, wordt er beoordeeld op:

  • het waarborgen van de veiligheid;
  • het beschermen van de gezondheid;
  • duurzaamheid;
  • bruikbaarheid;
  • er kunnen extra maatwerkregels in het omgevingsplan worden gesteld (zoals welstand) waaraan de aanvraag om een omgevingsvergunning voor een bouwactiviteit getoetst moet worden.

Er zijn 3 andere mogelijkheden die horen bij de technische bouwactiviteit, namelijk:

  • uitzonderingen op de vergunningplicht
  • meldingsplicht
  • uitzonderingen op de meldingsplicht

Voor de bouwactiviteit is de Wet kwaliteitsborging voor het bouwen (Wkb) van toepassing. Dat heeft als doel de bouwkwaliteit te verbeteren. De toets vooraf op de bouwplannen wordt vervangen door de toets in de praktijk. Dit gebeurt op de bouwplaats zelf, tijdens het bouwproces.

Meer informatie over participeren vindt u op de pagina Wet kwaliteitsborging.

Op het Informatiepunt leefomgeving vindt u meer informatie over een vergunning of een melding bij de technische bouwactiviteit.

Vergunningplicht bij de omgevingsplanactiviteit (OPA en BOPA)

Vanaf 1 januari 2024 beschikt iedere gemeente automatisch over een ‘omgevingsplan van rechtswege’. In de Omgevingswet staat dat het verboden is om zonder omgevingsvergunning een omgevingsplanactiviteit te verrichten, voor zover dat in het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) aangegeven staat.

  • Binnenplanse omgevingsplanactiviteit: Een binnenplanse omgevingsplanactiviteit (OPA) is een activiteit waarvoor het omgevingsplan bepaalt dat daarvoor een vergunning nodig is.
  • Buitenplanse omgevingsplanactiviteit: Een buitenplanse omgevingsplanactiviteit (BOPA) is een activiteit die niet voldoet aan de regels van het omgevingsplan en niet vergunningvrij voor het bouwen is.

Een omgevingsplanactiviteit (OPA) wordt beoordeeld aan de hand van de regels die in het omgevingsplan zijn gesteld over het verlenen van de omgevingsvergunning. Een omgevingsplanactiviteit (BOPA) wordt beoordeeld aan de hand van een goede evenwichtige toedeling van functies aan locaties (ETFAL). 

Op het Informatiepunt leefomgeving vindt u meer informatie over een binnen- of buitenplanse omgevingsplanactiviteit.

Overige vergunningplichtige activiteiten

Tenzij het verunningvrij gesteld is bij algemene maatregel van bestuur (Bbl of Bal) aangewezen geval(len):

  • omgevingsplanactiviteit, waaronder ook:
    • veranderen, verstoren van een gemeentelijk monument
    • alarminstallatie aanbrengen
    • houtopstand vellen (boom kappen)
    • bouwwerk slopen in beschermd stads- of dorpsgezicht
    • handelsreclame aanbrengen
    • roerende zaken opslaan (containers op openbaar gebied)
    • in-/ uitrit (uitweg) maken of veranderen
    • werk, niet zijnde bouwwerk, of werkzaamheid uitvoeren
    • rijksmonumentactiviteit
    • ongrondingsactiviteit
    • waterschap (en overige)
    • stortingsactiviteit op zee
    • natura 2000-activiteit
    • jachtgeweeractiviteit
    • valkeniersactiviteit

Voor zover het vergunningplichtig gesteld is bij algemene maatregel van bestuur (Bbl of Bal) aangewezen geval(len):

  • bouwactiviteit
  • milieubelastende activiteit
  • lozingsactiviteit
  • op een oppervlaktewaterlichaam of een zuiveringtechnisch werk
  • waterontrekkingsactiviteit
  • mijnbouwlocatieactiviteit
  • beperkingsgebiedenactiviteit, met betrekking tot een:
    • weg
    • waterstaatwerk
    • luchthaven
    • hoofdspoorweg, lokale spoorweg of bijzondere spoorweg
    • installatie in een waterstaatwerk
    • flora- en fauna-activiteit

Op het Informatiepunt Leefomgeving vindt u meer informatie over vergunningplichtige activiteiten.

Vergunningplichten waterschap en provincie

Als er op basis van de waterschapsverordening óf Omgevingsverordening een vergunningplicht geldt, zal dat door het waterschap of door de provincie opgepakt en afgehandeld worden.

Bevoegd gezag

In basis is de gemeente het bevoegd gezag. Het bevoegd gezag is het bestuursorgaan dat een vergunningaanvraag behandelt, meldingen ontvangt en bevoegd is voor toezicht en handhaving. In sommige gevallen is het bevoegd gezag het waterschap, provincie of het Rijk.

Enkelvoudige en meervoudige aanvragen:

  • Een enkelvoudige aanvraag is een aanvraag waarin een initiatiefnemer eeno mgevingsvergunning voor 1 activiteit aanvraagt.
  • Bij een meervoudige aanvraag vraagt een initiatiefnemer een omgevingsvergunning aan voor meer dan 1 activiteit. Een meervoudige aanvraag kan leiden tot verschillende bevoegde gezagen. Het Omgevingsbesluit regelt dat er altijd maar 1 bevoegd gezag is voor een aanvraag.
  • Enkelvoudige aanvraag, wateractiviteit
    • meestal waterschap
    • soms provincie en soms het Rijk
  • Enkelvoudige aanvraag, anders dan wateractiviteit:
    • meestal gemeente
    • soms provincie en soms het Rijk
  • Meervoudige aanvragen (zowel bij wateractiviteiten als bij andere activiteiten
    • de meest decentrale bestuursorgaan (de gemeente)
    • tenzij het 'magneetactiviteiten' zijn
  • Magneetactiviteiten
    • Een magneetactiviteit is een activiteit die ervoor zorgt dat er bij een meervoudige aanvraag (dat is een aanvraag voor een omgevingsvergunning met diverse activiteiten) altijd sprake is van 1 bevoegd gezag. Die activiteit is zo belangrijk dat zij alle andere activiteiten als het ware naar zich toetrekt.

Op het Informatiepunt leefomgeving vindt u meer informatie over het bepalen van het bevoegd gezag

Omgevingsvergunning aanvragen en indieningsvereisten

Via het Omgevingsloket kan een omgevingvegunning aangevraagd worden.← verwijzen naar de landelijke pagina omgevingsloket.nl

Communicatie in het omgevingsloket

Als initiatiefnemer (aanvrager) is het mogelijk om informatie via het Omgevingsloket in te dienen. Als gemeente kunnen wij niet direct terug communiceren via het Omgevingsloket. Die communicatie verloopt via de e-mail. Als eerste contactmoment wordt er namens de gemeente een ontvangsbevestiging gestuurd. Binnen een week na indienen nog geen ontvangsbevestiging ontvangen? Neem contact op met de gemeente.

Vergunningsprocedure

In basis geldt voor een aanvraag omgevingsvergunning de regeliere voorbereidingsprocedure van 8 weken, met een mogelijkheid tot verlenging met 6 weken (in totaal 14 weken).

In sommige gevallen geldt voor een aanvraag omgevingsvergunning de uitgebreide voorbereidingsprocedure van 6 maanden, met een mogelijkheid tot verlenging met 6 weken. Dit geldt als:

  • er een MER gemaakt moet worden (art. 16.50 Ow)
  • het in het Omgevingsbesluit aangewezen is (art. 10.24 Ob)
  • de initiatiefnemer daarom verzoekt (art. 16.65 Ow)
  • het bevoegd gezag daartoe besluit voor BOPA (art. 16.65 Ow)

Bij een meervoudige aanvraag kan voor één (of meerdere) activiteit(en) de uitgebreide procedure van toepassing zijn. In dat geval geldt voor de aanvraag de uitgebreide procedure.

Op het Informatiepunt leefomgeving vindt u meer informatie over de korte en uitgebreide voorbereidingsprocedure.

Kosten

Meer informatie over de kosten van een omgevingsvergunning is te vinden op de pagina kosten omgevingsvergunning.

Inwerkingtreding
  • De inwerkingtreding van een omgevingsvergunning bij een reguliere procedure is een dag na de bekendmaking
  • De inwerkingtreding van een omgevingsvergunning bij een uitgebreide procedure is een dag na de terinzagelegging van het besluit

Een uitzondering daarop is een 'uitgestelde inwerkingtreding' van 4 weken bij gevallen met 'onomkeerbare gevolgen' (zoals het kappen van een boom of het verstoren van een monument). Wanneer dat het geval is, zal dat vermeld worden in de omgevingsvergunning.

Vraag of opmerking?

Heeft u een vraag of opmerking? Neem dan contact op met de gemeente.