Professionals jeugdhulp, zorg en ondersteuning

Informatie voor zorgprofessionals over hoe jeugdhulp, zorg en ondersteuning zijn geregeld in Den Helder.

Hieronder vindt u informatie over hoe de jeugdhulp, zorg en ondersteuning in Den Helder zijn geregeld voor de verschillende fasen binnen het traject van hulpverlening. Onder Overige zaken vindt u informatie over het 'Convenant gegevensuitwisseling en bescherming persoonsgegevens binnen het sociaal domein gemeente Den Helder' en informatie over het Calamiteitenprotocol.

1. Signaleren

Wat is het?

Er is een hulp- of ondersteuningsvraag.

Er zijn zorgen over een inwoner op gebied van:

  • Ziekte/ fysieke of psychische beperking
  • Hulpvraag of ondersteuningsbehoefte
  • Eenzaamheid/verwaarlozing
  • Werkloosheid/schulden
  • Gedrag
  • Opvoeden
  • Relaties
  • Combinatie van problemen

Wie signaleren?

  • Inwoner zelf
  • Directe betrokkenen van inwoner, ouder, partner, familie, buren, etc
  • Hulpverlenende instantie
  • huisarts, medisch specialist
  • medewerker van de gemeente

Hoe werkt het?

  • U bespreekt uw zorgen met de betrokken inwoner(s)
  • U adviseert om contact op te nemen met een ondersteunende organisatie of instantie die vallen onder de zogenoemde basisvoorzieningen.
  • U adviseert om contact op te nemen met de gemeente of vraagt toestemming om uw zorgen over de inwoner zelf te melden bij de gemeente
  • Een signaal of hulpvraag kan via het Klantcontactcentrum worden aangemeld door te bellen naar 140223 of een bericht te sturen via het contactformulier.
  • Bij enkelvoudige vragen op het gebied van Zorg of Participatie  wordt deze direct door het loket Zorg en Participatie afgehandeld.
  • Bij complexere of meervoudige hulpvragen wordt de vraag doorgezet naar de bureaudienst van het Team Jeugd en Gezin.
2. Melden

Wie melden zich aan?

  • Een inwoner kan zelf een aanmelding doen via het KCC van de gemeente
  • Een huisarts of medisch specialist kan een kind of jongere tot 18 jaar rechtstreeks doorverwijzen naar jeugdhulp.  Het is van belang dat hierover contact wordt gelegd met het Team Jeugd en Gezin.
  • De behoefte aan een Wmo-maatwerkvoorziening dient  eerst bij  de gemeente te worden gemeld.
  • Iedere professional kan een melding doen van een ondersteuningsvraag van een inwoner.

Hoe vindt een aanmelding plaats?

Wat gebeurt er met een melding?

  • Enkelvoudige vragen komen direct bij de juiste consulent terecht, op gebied van zorg of participatie.
  • Complexere of meervoudige hulpvragen worden doorgestuurd naar de bureaudienst van het Sociaal Team Jeugd en Gezin. De bureaudienstmedewerker verheldert zo nodig de vraag, geeft informatie en advies, inventariseert wie er zijn betrokken. Zij maken het aanmeldformulier compleet en zetten de vraag door naar een medewerker van het Team Jeugd en Gezin
  • De medewerker van het Team Jeugd en Gezin neemt binnen 5 dagen contact op met de melder en/of de inwoner voor een afspraak

Spoed?

  • Als bij de melding sprake blijkt van spoed dan wordt het meteen opgepakt. Maak in dat geval melding van de urgentie van uw vraag.
  • Bij spoed wordt u direct doorverbonden met de bureaudienst van het Team Jeugd en Gezin.
  • Binnen een dag wordt contact opgenomen door een medewerker en wordt zo snel mogelijk een passende voorziening verstrekt. De beschikking hiervoor volgt dan achteraf.
3. Analyseren (vraagverheldering)

Wat is het?

  • Om te voorkomen dat er tijdens dit gesprek een dubbele uitvraag naar gegevens gedaan wordt, wordt er in kaart gebracht wat er al binnen de gemeentelijke registratie bekend is (zoals NAW-gegevens).
  • Daarna vindt verdere vraagverheldering plaats door de consulent Wmo, Wmo begeleiding of medewerker van het Team Jeugd en Gezin om tot een integraal ondersteuningsplan te komen.

Hoe werkt het?

  • Binnen 5 dagen na melding wordt door de consulent Wmo, Wmo begeleiding of medewerker van het Team Jeugd en Gezin contact opgenomen voor een afspraak met de inwoner over wie de melding gemaakt is.
  • Er vindt een inventarisatie plaats van alle relevante informatie ten aanzien van de inwoner die om ondersteuning vraagt.
  • Tijdens het maken van de afspraak wordt de inwoner gewezen op de mogelijkheid van cliëntondersteuning.
  • Het is ook mogelijk een persoonlijk plan in te dienen. Hiervoor geldt een termijn van 7 dagen.  
  • Indien nodig wordt er een afspraak gemaakt voor een keukentafelgesprek. Hierbij wordt aangegeven dat de inwoner cliëntondersteuning bij dit gesprek mag hebben. Ook al betrokken hulpverlener(s) en/of mantelzorg(ers) kan (kunnen) bij dit gesprek aanwezig zijn
  • De inwoner over wie de melding is gemaakt moet zich kunnen legitimeren aan het begin van het keukentafelgesprek en toestemming geven voor de verwerking van persoonsgegevens.

Ook wordt toestemming gevraagd voor het vergaren van overige relevante documenten, onderzoeksverslagen e.d.

  • Tijdens dit keukentafelgesprek worden de signalen besproken en de situatie in kaart gebracht. De inwoner verschaft de gegevens die de gemeente nodig heeft om de juiste hulp en ondersteuning te bieden. Dit zijn onder andere:
    • Persoonlijke behoeften en voorkeuren en gezinssituatie.
    • De mogelijkheden om op eigen kracht of eventueel met hulp uit het eigen netwerk de situatie te verbeteren.
    • De behoefte aan maatregelen ter ondersteuning van de mantelzorger van de inwoner.
    • De mogelijkheden om met behulp van een algemene voorziening, of door maatschappelijke nuttige activiteiten te voorzien in de behoefte.
    • De inwoner wordt geïnformeerd over het vervolg van het proces en diens rechten en plichten.
  • Uiterlijk 6 weken na aanvang van de melding wordt een verslag met ondersteuningsplan opgestuurd naar de inwoner die hulp vraagt.  De inwoner of de ouders/voogd geven binnen 5 werkdagen akkoord op het verslag, of geven aan wat toegevoegd of weggelaten moet worden.
  • Het ondersteuningsplan dient als leidraad voor de afspraken met basisvoorzieningen.

Met het ondertekende ondersteuningsplan kunnen inwoners een aanvraag indienen voor een maatwerkvoorziening bij de gemeente. De inwoner dient de aanvraag zelf te ondertekenen.

4. Beoordelen, zorg toewijzen en beschikken

Wat is het?

  • Op basis van het ondersteuningsplan beoordeelt de gemeente welke maatwerkvoorzieningen moeten worden ingezet.
  • Zo nodig doet de gemeente een beroep op externe deskundigheid. 

Hoe werkt het?

  • Het ondersteuningsplan wordt samen met de inwoner en eventueel overige betrokkenen (zoals mantelzorger) opgesteld en ondertekend. In het ondersteuningsplan wordt ook opgenomen wat, eventueel met behulp van het eigen netwerk, zelf opgepakt kan worden. Tevens wordt meegenomen wat met een vrij toegankelijke basisvoorziening opgelost kan worden. Onder het motto: “zo licht als mogelijk, zo zwaar als nodig” zal het ondersteuningsplan uitgewerkt worden en wordt er beoordeeld of en welke maatwerkvoorzieningen moeten worden ingezet.
  • Dit ondersteuningsplan is de basis voor de aanvraag bij de gemeente. De inwoner dient zelf de aanvraag in.
  • Binnen twee weken zal de gemeente de aanvraag beoordelen, toetsen aan de wetgeving, verordeningen en beleidsregels van de gemeente en op basis daarvan een beschikking afgeven:
    • Zorg in Natura (ZIN)  In deze beschikking staat in ieder geval
      - wat de maatwerkvoorziening is en het beoogde resultaat daarvan
      - wat de ingangsdatum is en de duur van de beschikking
      - hoe het wordt verstrekt
       
    • Wanneer een inwoner gemotiveerd kan aantonen dat de ZIN niet passend of adequaat is om de ondersteuning goed te regelen, kan de gemeente een beschikking afgegeven voor een Persoonsgebonden Budget (PGB).  

Voor het PGB wordt eerst een plan opgesteld en een contract met de partner die de zorg gaat leveren. In de beschikking voor het PGB staat in ieder geval:
- welk resultaat de behandeling die met het PGB wordt gekocht moet hebben
- wat de kwaliteitseisen zijn voor de voorziening
- wat de hoogte is van het PGB en waarom
- wat de duur is van de verstrekking van het PGB
- hoe de besteding van het PGB moet worden verantwoord

Uitbetaling van het PGB vindt plaats via het trekkingsrecht:

  1. De gemeente stort de uit te betalen PGB’s op rekening van het servicecentrum pgb van de Sociale Verzekeringsbank (SVB).
  2. De cliënt, zijnde de budgethouder, laat via declaraties of facturen aan de SVB weten hoeveel uren hulp zijn geleverd en de SVB zorgt vervolgens voor de uitbetaling aan de zorgverlener.
  3. De niet bestede  PGB bedragen worden door SVB na afloop van de verantwoordingsperiode terugbetaald aan de gemeente.
  • De beschikking wordt door de gemeente verstrekt aan de inwoner en aan de zorg leverende instantie.  Met de beschikking kan de ondersteuning op maat ingezet worden.
5. Interventie

Wat is het?

Zoals eerder benoemd wordt er eerst gekeken naar de mogelijke inzet van algemene basisvoorzieningen. Indien nodig geacht kan er een maatwerkvoorziening worden ingezet.  Voor de algemeen toegankelijke basisvoorzieningen is geen beschikking nodig, voor de individuele maatwerkvoorzieningen wel.

Voorzieningen Jeugd

Bij jeugd zijn er de volgende basisvoorzieningen en individuele maatwerkvoorzieningen:

Basisvoorzieningen

  • Jeugd- en Jongerenwerk
  • (School) maatschappelijk werk
  • Opvoedondersteuning
  • Jeugdgezondheidszorg
  • Kindertelefoon

Individuele maatwerkvoorzieningen

  • Jeugdhulp
  • Specialistische opvoedhulp
  • Crisisinterventie
  • Jeugd GGZ
  • Licht Verstandelijk Beperkten (LVB)
  • Semi- en residentiële zorg
  • Intramurale hulp
  • Pleegzorg
  • Jeugdzorg Plus
  • Jeugdreclassering
  • Jeugdbescherming

Voorzieningen WMO

Bij Wmo zijn er de volgende basisvoorzieningen en individuele maatwerkvoorzieningen:

Basisvoorzieningen

  • Cliëntondersteuning
  • Algemeen maatschappelijke werk en sociaal raadsliedenwerk
  • Ouderenwerk
  • Mantelzorgondersteuning\
  • Ondersteuning door en voor vrijwilligers
  • Activiteiten gericht op kwetsbare burgers en zorgmijders en opvang
  • Zorg op en opvang bij huiselijk geweld en kindermishandeling
  • Voorlichting gericht op seks en soa
  • Activiteiten gericht op ontmoeting, cultuur en sport

Individuele maatwerkvoorzieningen

  • Kortdurend verblijf ter ontlasting van mantelzorgers
  • Individuele begeleiding ter ondersteuning van zelfredzaamheid en participatie
  • Ondersteuning bij zelfredzaamheid en participatie door dagbesteding/begeleiding groep
  • Beschermd wonen en opvang
  • Hulp bij het huishouden ter ondersteuning van zelfredzaamheid
  • Woonvoorzieningen (woningaanpassingen)
  • Vervoersvoorzieningen (taxibonnen, (sport)rolstoel en scootmobiel)
  • Hulpmiddelen (trapliften enz.).

In het Productenboek Wmo (pdf) kunt u het overzicht van de ingekochte individuele maatwerkvoorzieningen inzake Wmo vinden.

Hoe werkt het?

  • Als de beschikking voor ZIN is ontvangen kan de aanbiedende instantie de ondersteuning in gang zetten of kan de voorziening geleverd worden.
  • Het Team Jeugd en Gezin wordt op de hoogte gebracht bij aanvang van de ondersteuning.
  • Wanneer meerdere partijen betrokken zijn bij de hulpverlening bepaalt het Team Jeugd en Gezin wie de casusregie voert. Dit is doorgaans de hulpverlener die het meest direct bij het gezin/ de inwoner betrokken is.
  • Het Team Jeugd en Gezin voert procesregie, dat wil zeggen, dat ze op afstand vinger aan de pols houdt en waakt over de voortgang van de hulpverlening. Bij stagnatie van de zorg of wanneer op- of afschalen van de zorg gewenst is komt het Team Jeugd en Gezin weer in beeld.
  • Wanneer de veiligheid van een kind niet gewaarborgd kan worden en/of wanneer noodzakelijke hulpverlening in vrijwillig kader niet geaccepteerd wordt, kan het Team Jeugd en Gezin een gezin aanmelden voor de beschermtafel. Hier wordt onderzocht of een maatregel in het kader van drang of dwang noodzakelijk is. In dat geval wordt de procesregie verlegd naar de Jeugd en gezinsbeschermers. Na beëindiging van een (V)OTS pakt het Team Jeugd en Gezin de zaak weer over.
6. Crisis, telefoonnummers voor noodsituaties

Hieronder vindt u telefoonnummers die u kunt bellen in het geval van een crisis in huiselijke kring of uw directe omgeving. Een crisis is een plotselinge ernstige noodsituatie waarbij de veiligheid van de betrokkenen in gevaar is.

Huiselijk geweld of kindermishandeling

Voor hulp en advies of het melden van huiselijk geweld of kindermishandeling neemt u contact op met Veilig Thuis: 0800-2000. Meer informatie over Veilig Thuis vindt u op www.vooreenveiligthuis.nl

Jeugd

  • Tijdens kantooruren: bel naar telefoonnummer 14 0223. Het Team Jeugd en Gezin wordt ingeschakeld en onderneemt direct actie.
  • Buiten kantooruren: bel met het Crisisinterventieteam van de Jeugd- en Gezinsbeschermers: 088 – 777 80 00.

GGZ

  • Tijdens kantooruren: bel naar telefoonnummer 14 0223. Het Team Jeugd en Gezin wordt ingeschakeld en onderneemt direct actie.
  • Buiten kantooruren: Bij spoedeisende psychiatrische problemen belt u de huisartsenpost Den Helder: 0223 670470.

Verstandelijke beperking

  • Tijdens kantooruren: bel naar telefoonnummer 14 0223. Het Team Jeugd en Gezin wordt ingeschakeld en onderneemt direct actie.
  • Buiten kantooruren: bel naar Meldpunt Acute Zorg via huisartsenpost Den Helder: 0223 670470.
7. Overige zaken (Convenant en Calamiteitenprotocol)

Convenant

Convenant gegevensuitwisseling en bescherming persoonsgegevens binnen het sociaal domein gemeente Den Helder januari 2015 (pdf)

Calamiteitenprotocol en referentiekaart Wmo

Calamiteitenprotocol Jeugdzorg

Een calamiteit in de jeugdzorg heeft vaak gevolgen voor personen, politiek, publiciteit en personeel. Diensten en uitvoeringsorganisaties dienen eenduidig en gecoördineerd naar buiten te treden om (verdere) schade aan slachtoffers en hun directe omgeving en het beeld rond de zorg voor de jeugd te voorkomen. De communicatie speelt bij calamiteiten dan ook een cruciale rol. In dit protocol wordt geregeld hoe de gemeente omgaat bij een calamiteit in de jeugdzorg. Het gaat dan vooral om de communicatie naar aanleiding van een calamiteit.

Calamiteitenprotocol Den Helder 2016 (pdf)

Verzoek om toewijzing Jeughulp indienen

Verzoek om toewijzing Jeugdhulp (niet zijnde GGZ)

Verzoek om toewijzing Jeugdhulp GGZ